11 en 12 mei 2019: 4e Zondag van Pasen

Handelingen van de Apostelen 13,14.43-52 en Johannes 10,27-30, C-Jaar

VERKONDIGING

Een prachtige tijd is het, zo de eerste weken na Pasen; de meimaand, Maria’s maand, is veel belovend, de zomer is in zicht.
Overal in het land komen mensen bij elkaar voor feesten, festivals, bedevaarten en ook al levert het soms een grote teleurstelling op, voor voetbalwedstrijden.
Mensen komen bij elkaar, verzamelen zich meestal met groot enthousiasme. En eigenlijk is dat vreemd, in een wereld die soms getekend lijkt, door individualisme en prestatiedwang.
Van mensen wordt gevraagd om eigen verantwoordelijkheid te nemen over hun leven, zichzelf te ontwikkelen, om onafhankelijk te zijn. Voor jezelf opkomen is het motto.
Een heel andere tijd, het verleden waarin mensen opgingen in een sociaal verband en vaak werd verwacht dat je meeliep met de grote groep, ligt ver achter ons. Je eigen weg zoeken, vraagt ook dat je niet zonder zelf na te denken achter de hardste roepers moet aanlopen.
Wij weten immers uit het verleden maar al te goed waar dat toe kan leiden.

En toch, tegelijkertijd zoeken wij ook naar houvast, zeker in een tijd waarin zoveel verschillende stemmen en opvattingen worden geventileerd. Op bijna alle mogelijke en onmogelijke, rond kleine en grote vragen:
Als van de ene kant wordt verteld dat we vogels kapotmaken wanneer wij gif spuiten en de andere kant beweert dat alleen gif de redding is voor de buxusplant. Wat staat je dan te doen?
Als de een roept dat wij jongeren die de weg kwijt zijn juist niet moeten opsluiten in een isoleercel en een ander beweert dat we daarmee jonge mensen kapotmaken. Wie kan ik dan vertrouwen?
Als de ene wetenschapper beweert dat weersveranderingen duiden op een grote klimaatverandering en de andere expert vertelt dat het allemaal wel meevalt. Wat moet ik daar dan van denken?
Als de een roept dat God niet bestaat en de ander dat God juist de dragende kracht kan zijn in ons leven. Wie moet ik dan geloven?

Wij moeten zelf de knopen doorhakken, op eigen benen staan, of juist vragen laten bestaan … Wij zijn immers mensen en geen schapen, God gaf ons verstand en gevoel.
Ook al gaan wij graag onze eigen weg door het leven, toch zoeken wij soms de kudde op, de grote groep. daar weten wij ons veilig, in een kring van vrienden of familie, onze sportvrienden, geloofsgemeenschap, onze bondgenoten.

En dan zien en ervaren wij het overal om ons heen, hoe enorm veel goeds er door mensen tot stand wordt gebracht.
Dit weekend wordt ons verteld hoe kinderen in onze stad, die leven in armoede, een bed is geregeld, een echt stapelbed. Niet langer slapen op een matras op de grond maar in een echt bed. Wat zal het een feest zijn in die gezinnen!
Vorige week stonden wij met velen in het Vrijheidspark met wijkbewoners uit Syrië, Afghanistan en Somalië. Zij legden een krans na twee minuten stilte op dodenherdenking en vertelden hoe dankbaar zij zijn dat hun kinderen in ons land in vrijheid en vrede kunnen opgroeien.
Om stil van te worden.
Deze week presenteerde de directie van een grote school in onze stad een opleidingsprogramma voor kansarme vrouwen in onze wijk, opdat zij hun weg door het leven met opgeheven hoofd kunnen vervolgen.
Voorbeelden te over van mensen die de schouders eronder zetten, die niet afwachtend blijven staan en kijken hoe mensen gebukt gaan onder het leven. Mensen die de roepstem van de goede herder hebben gehoord, de stem die al eeuwenlang klinkt in onze wereld.

Die kant van ons mag er ook zijn, ons laten leiden door die roepstem waarvan gevoel en verstand zeggen dat het goed is. De stem van de Goede Herder die ons voorhoudt dat wij het mogen zien, al het goede om ons heen.
Want ook al zijn wij soms stoer en onafhankelijk, soms broos en kwetsbaar. Wij hebben elkaar nodig.
Een groot verdriet om een verloren gelopen kind, ergernis om een familieruzie of spanning in jouw omgeving, wrijvingen tussen collega’s of buren. Het kan je enorm uit balans brengen, van je stuk.
Omdat we dan even niet weten hoe het verder moet.

Vandaag horen wij hoe Jezus vertelt dat zijn weg een weg voor het leven is, hij gebruikt het beeld van de schapen. In zijn tijd niet zo vreemd … Zij leefden in een woest en onveilig land.
Mensen werden onder druk gezet, uitgebuit. Daar kwam Jezus voor op, de meest kwetsbaren eerst.
En zo iemand moet de schapen kennen, ieder bij naam met alle goede en kwade eigenschappen, zodat alle mensen van alle volkeren, verder kunnen opstaan en verder gaan in de wetenschap dat je veilig en geborgen bent in Gods hand.

Paulus en Barnabas vertelden van deze Mensenzoon, van Jezus Messias die ons leert dat wij geschreven zijn in de palm van Gods hand.
Velen liepen er voor uit, het waren de massabijeenkomsten van toen. Mensen die wilden luisteren dat God een volk is voor alle mensen.
Licht in de wereld, voor alle mensen van overal.

Wij worden aangemoedigd om bij elkaar te blijven, om stut en steun te zijn voor elkaar, om elkaar te bemoedigen, ook als het heel donker wordt om je heen.
Opdat ieder van ons kan thuiskomen in Gods wereld.

Amen.

Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen