12 april 2020: Eerste Paasdag

Handelingen 10,34a.37-43 en Johannes 20,1-9, A-Jaar

VERKONDIGING

Ieder van ons die gebruik maakt van WhatsApp krijgt ze regelmatig binnen, grapjes, tekeningen, filmpjes, meestal geïnspireerd door een actualiteit. Ook in deze crisistijd komen ze, vaak ongevraagd, bij ons binnen.
Mensen delen een grap, een filmpje dat iets bij hen heeft opgeroepen. We moeten er om lachen of het biedt ons een nieuw inzicht, een andere kijk op de werkelijkheid.

Zo stuurden velen deze dagen voor het paasfeest een afbeelding waarin een tekenfilmfiguurtje de handen sluit en bidt: “Lieve God, kunt u alstublieft 2020 verwijderen en opnieuw installeren? Het heeft een virus”.
Anderen wijzen er dan weer op dat 2020 sowieso niet goed begonnen is:
toenemende vluchtelingenstromen aan de grenzen van Europa, een sprinkhanenplaag in Afrika en kort geleden nog een nieuw gat in de ozonlaag.
Zouden we niet beter overnieuw kunnen beginnen met 2020?

Pasen, onze lezingen van vandaag getuigen over een leeg graf, na dagen van twijfel, angst en waanzinnige folteringen, zien zijn vrienden en vriendinnen hun geweldige ervaringen met Jezus eindigen aan het kruis.
“Could we start again please?” zong Maria van Magdala in de opera Jesus Christ Superstar.
Alle hoop, alle verlangen verandert in twijfel en wanhoop, is de bodem ingeslagen. Ik leefde en stierf om jou te ontmoeten, maar zoals nu was het niet de bedoeling: “Could we start again please?”
Kunnen we alsjeblieft opnieuw beginnen?

Pasen 2020, kunnen we opnieuw beginnen?
In de vraag zit het antwoord al verborgen, onze wereld ziet er anders uit dan kort na Carnaval.
Het begin van onze Veertigdagentijd, onze weg naar het Paasfeest, viel samen met het begin van deze tijden van isolement om de verwoestingen van Covid-19 te stoppen.

Het is bijna niet voor te stellen hoe anders onze wereld eruit ziet. Dit jaar geen meubelboulevard, paaseieren zoeken bij opa en oma in de tuin, pretparken blijven dicht en als je wilt wandelen of fietsen, weet dat je gewaarschuwd bent en houdt afstand.
Onze kerken? Geen vieringen in de Stille week en met Pasen, immers, zoals de bisschop ons al voorhield: ‘Het huis van God mag geen bron van besmetting worden.’

Dit jaar moeten we op een andere manier voortzetten straks;
2020 kúnnen we immers niet verwijderen en opnieuw installeren,
2020 kúnnen we niet overdoen.
Hoe lastig we het ook vinden, het is geen optie om ogen en oren te sluiten voor de uitdaging waar wij voor staan: verder leven in een nieuwe realiteit en daarbij de kansen én de problemen niet uit de weg te gaan.

Wetend dat het ons mensen gegeven is, de moed om vooruit te kijken, wetend waar wij nu staan en waar wij vandaan komen: verleden, heden en toekomst, zij zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Onze premier gaf de tijd die voor ons ligt een naam: het Nieuwe normaal. Hoe dat nieuwe normaal er uit gaat zien, ligt nog in nevelen gehuld, maar het is goed om erover na te denken, hoe wij, lerend van de ervaringen van nu, verder willen.

Voor ons, kerkmensen begint misschien ieder jaar met Pasen al een ‘Nieuwe Normaal’. De Veertigdagentijd ligt achter ons, de tijd waarin wij ons inkeren, maar nog meer een tijd waarin wij ons zelf hebben uitgedaagd, om ons ‘toe te keren naar elkaar’, om te zien naar elkaar.

Velen van ons doen dat in deze dagen, dicht bij en veraf. Kijk maar eens naar al die geweldige voorbeelden om ons heen, mensen die doen wat nodig is om een ander moed in te spreken.
En hoe onvolprezen al die mensen die werken in zorg en onderwijs, een half jaar geleden verhieven zij hun stem om meer personeel en vandaag sluiten zij de rijen en laten zien dat werken voor gezondheid en in onderwijs wel degelijk een indrukwekkende roeping is.
Meer en meer ervaren wij als samenleving juist in deze tijd, dat menselijk leven voorop moet staan en uiterste zorg verdient, dat deze zorg een dienst is aan onze samenleving waar al het andere, ook ons economische systeem, op gericht moet zijn.

Bij het lezen van de getuigenissen over de opstanding van Jezus, lezen wij mensengeschiedenis. 2000 Jaar geleden al, stonden mensen, gebroken van verdriet, woede en teleurstelling op en gingen verder. Mensen geladen met veer- en geestkracht aanvankelijk verlamd, maar geladen met nieuw geloof omdat de man, zo goed als God, verder leefde in hun midden.

De Schriftlezingen vandaag getuigen over de verbijstering van Maria van Magdala en Petrus toen zij niet meer dan de windels van Jezus vonden in het lege graf. De man die mensen inspireerde, die weldoende rond ging, mensen genas en dwingelandij te lijf ging, was opgestaan.

Door God op de derde dag uit de dood geroepen, om de hele schepping te doordringen van zijn doen en laten. Dát is waar al die verhalen uit de Schrift over gaan.

Vandaag vieren wij het Paasfeest, wij vieren de opstanding. Wij zongen erover in het Schriftlied:
“Zijn onvergankelijk testament, dat Hij ons in de dood nog kent!”
Dat gaat over God, dat gaat over ons over een nieuwe toekomst, een nieuw perspectief, uitzicht op een tijd van verder gaan op een nieuwe manier, op een manier die past bij de nieuwe situatie: een tijd waarin mensen laten zien dat wij gezegende mensen zijn, geladen met veer- en geestkracht!
Zalig Pasen!

Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen