13 en 14 april 2019: Palmzondag

Lucas 19,28-40, Jesaja 50,4-7 en Lucas 50,4-7, C-Jaar

VERKONDIGING

Het lijdensverhaal is geen kort verhaaltje dat je een beetje langs je heen laat gaan. Het is een lang verhaal dat ons laat meebeleven hoe mensen rondom Jezus zijn laatste dagen hebben beleefd.
Lange verhalen, soms kom je mensen tegen die lange verhalen vertellen. Soms duurt het te lang, word je er niet vrolijk van. Maar de verteller heeft er altijd een bedoeling mee.
Er is iets gebeurd, iets dat de ander bezighoudt, een mooi of een indrukwekkend moment, vol diepgang en betekenis. Als iemand al zijn ellende bij je uitstort, dan hoopt hij op medeleven of solidariteit.

Verhalen kunnen zijn als een spiegel, zij vertellen ons over ervaringen die diep in ons geworteld zijn, verhalen nemen ons mee naar een wereld waar wij naar verlangen. De verhalen die wij vandaag horen nemen ons mee naar een wereld van tweeduizend jaar geleden in een land hier ver vandaan. En die verhalen worden ons steeds opnieuw voorgehouden, door mensen in deze tijd.
Vandaag vieren wij samen voor de laatste keer rond en met het hongerdoek.
Laten wij er nog eens goed naar kijken:

Het diepe, warme blauw treft me als ik de eerste keer de hongerdoek zie en dan meteen die gouden ring. De cirkel, staat die in de middeleeuwse tekensymboliek niet voor God?
Ik zie het huis, met een opening, midden in de cirkel.
‘Het huis is niet af’, flitst er door mijn hoofd. Het huis is nooit af.
We blijven werken aan een betere wereld voor iedereen, aan een goede omgang met de Schepping.
Bescheiden, nederig, wetende dat al onze pogingen eigenlijk alleen maar een aanmodderen is en vaak mislukkingen zijn.
Nog is het huis niet af. Maar we blijven volhouden en bouwen. Misschien ooit, wie weet, zijn we klaar.
De belofte van het Koninkrijk Gods leidt ons, uiteindelijk komt het goed en is het huis af. Als een genade zal ons dat gegeven worden. Dat is ten diepste de hoop die mij bezielt.
Het huis staat immers midden in de gouden cirkel, midden in Gods geborgenheid, maar het is niet af … er moet nog aan gewerkt worden. Maar dan moeten we er wel aan gaan staan, onze verantwoordelijkheid durven nemen en ons niet verstoppen of ons verschuilen achter uitvluchten en smoezen.

Onze verworvenheden en zekerheden op het spel durven te zetten. Op de hongerdoek is geen mens te zien. Dat leidt meteen tot de vraag, die ook de titel van de doek is:
‘Mens, waar ben je?’ Waar zijn jullie? Waar zijn wij?
‘Hoe zorgen wij voor elkaar?’ ‘Hebben wij aandacht voor dat wat leeft in de ander?’
‘Het koninkrijk van God is niet in de eerste plaats een kwestie van spijs en drank, maar is gerechtigheid, vrede en vreugde door de heilige Geest’.
Het Koninkrijk Gods kan alleen een belofte van gerechtigheid en vrede en een genade zijn als wij proberen er hier en nu invulling aan te geven.
In onze pogingen goed en duurzaam om te gaan met de wereld en om iedereen recht te doen en te respecteren, laten we Gods genade aan elkaar zien, laten we zien dat zijn Koninkrijk geen loze belofte is.

Dat zoeken naar het Koninkrijk Gods leidt weg uit de centra van macht en economie, naar de rafelranden van onze maatschappij, hier in onze eigen omgeving en zeker in wereldwijd opzicht.
Dat zoeken leidt ons ook weg uit onze zekerheden, die slechts schijn zijn, naar die rafelranden waar we iets kunnen horen en zien van het Koninkrijk Gods dat nabij is.

In het midden van het hongerdoek zien wij de aarde uit Getsemane en daarin twaalf roodomrande stenen. Zij verwijzen naar de twaalf apostelen en daarmee naar ons.
Jezus datgene wat Hij begonnen is aan de apostelen, en dus aan ons, toe.
Dat vertrouwen waarmaken is niet gemakkelijk. Vaak mislukken ook wij, soms raken we zelfs gewond. Soms vallen ook wij in slaap, of erger nog, laten wij ons in slaap sussen.

Laten we wakker blijven en op onze hoede.
We hebben immers één zekerheid, onze pogingen het huis af te bouwen staan in Gods geborgenheid.
Daarop kunnen vertrouwen geeft de hoop om verder te gaan, om ons gemeenschappelijk huis duurzaam af te bouwen en in te richten, vol te stoppen met gerechtigheid.
Een oud verhaal op een nieuwe manier verteld. Kan het ons meenemen in onze tijd?
Amen.

Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen