2 Juni 2019: 7e Zondag van Pasen

Handelingen 7,55-60 en Johannes 17,20-26

VERKONDIGING

Die Stefanus uit de eerste lezing van vandaag heeft het geweten. Hij gaat eenzelfde weg dan we kennen van Jezus: de stad uit om daar door zinloos geweld om te komen. En dat gebed van Jezus uit de evangelielezing is ons christenen zeer bekend. Wij bidden het Hem na, wanneer ons gevraagd wordt te bidden om eenheid onder de christenen. En daarmee is het eigenlijk ook een gevaarlijk gebed, want wat verstaan we onder eenheid?

Soms lijkt het erop dat we bij eenheid enkel en alleen maar denken aan een van hogerhand opgelegde uniformiteit, dat hoor je in kerkelijke kringen, maar ook in maatschappelijke en politieke verbanden. Zo van … er moet nu eenmaal een centraal gezag zijn dat op alle vragen een feilloos antwoord heeft. En in bepaalde kerkelijke kringen wordt dan gesteld: allen die gelovig zijn, dienen zich daaraan te houden. Als iedereen dat doet, zo denkt men dan, als we allen samen de rijen sluiten en de hoofden een en dezelfde kant op richten, is de eenheid bereikt.

Maar: is dat wel de eenheid die Jezus voor ogen staat? Ik durf daar grote vraagtekens bij te zetten. Zo’n van bovenaf opgelegde eenvormigheid betekent immers bijna altijd dat ons een groot wantrouwen wordt aangepraat tegen het eigen geweten. Zo’n eenheid berust immers zo vaak op alleen maar in de rij lopen, op een soort blinde gehoorzaamheid en vooral op angst. Er wordt wel gesproken over vrijheid en andere rechten van de mens, maar dat lijkt gereserveerd voor de buitenwereld en niet voor de eigen geloofsgemeenschap of politieke partij, want daar is het zelfs heden ten dage weer actueel, zo berichtten ons de media in de afgelopen dagen. Zo’n eenheid betekent meestal ook dat het geloof in de Geest die waait waar Hij wil, op een heel laag pitje wordt gezet.

Zo’n van bovenaf opgelegde eenheid lijkt me niet de eenheid waarom Jezus bidt. Het gaat in de kerk toch immers om gemeenschap en niet om eenvormigheid. Niet voor niets haalt Paus Franciscus de resultaten van het Tweede Vaticaans Concilie in deze telkens weer aan. Daar werd zo nadrukkelijk gesproken over het recht van alle volken en culturen om op hun eigen wijze kerk te zijn. Een niet Europese Paus heeft daar blijkbaar meer gevoel bij want onze kerk was, en is dat misschien nog wel veel te sterk, wel erg Europees gekleurd.

De eenheid waarover Jezus vandaag tot ons spreekt kan niet bestaan zonder dialoog, zonder een gesprek aan te gaan waarin allen mogen spreken en allen willen luisteren. En het lijkt zo vaak op een dialoog van doven: er wordt wel gesproken, maar niet geluisterd.

Misschien zouden we vandaag eens raad kunnen vragen aan Stefanus. Hoe heeft hij – in die eerste geloofsgemeenschap – de eenheid bewaard? Gelukkig zijn daar notities, verslagen van gemaakt. In de handelingen van de apostelen lezen we: ‘de menigte die het geloof had aangenomen, was één van hart en één van ziel, en er was niemand die iets van zijn bezittingen zijn eigendom noemde; integendeel, ze bezaten alles gemeenschappelijk’.

Hun geloof vertaalde zich in daden naar elkaar toe. En Stefanus was als diaken zelfs aangesteld om aan dat gemeenschappelijke leven leiding te geven want er waren wel eens onenigheden. De weduwen en de buitenlanders voelden zich – zo staat in die notities – achtergesteld, en er waren ook rijke mensen die geld voor zichzelf achterhielden en net deden alsof ze alles aan de gemeenschap hadden afgestaan. Handel in zwart geld is duidelijk van alle eeuwen. Maar het bijzondere was … het kwam wel ter sprake en zo werkte men aan een echte, daadwerkelijke eenheid: samen bidden, elkaar onderrichten in de leer, het brood breken en bezittingen onderling verdelen. ‘Er was onder hen, zo staat er, geen enkele noodlijdende’. Die eenheid, daar bidt Jezus om, ook voor ons.
Met elkaar meeleven en elkaars kruis dragen, met groot geduld en volharding het goede naar boven laten komen dat vaak verscholen ligt en het mensenhart en door veel ellende, verdriet en boosheid is overwoekerd. We zouden liever op de vlucht slaan.

Solidair zijn met elkaar daar is kracht voor nodig. Geestkracht. Om die kracht bidden wij, naar die geest zien we uit: Warmte van binnenuit die ons thuis doet zijn in elkaars vrede.
Amen.

Denis Hendrickx o.praem
Abt van Berne