20 December 2020: 4e zondag van de Advent

2 Samuël 7,1-16 en Lucas 1,26-38, B-Jaar

VERKONDIGING

Voortdurend wordt er heel wat verwacht: luid uitgesproken verwachtingen of in het geheim enkel en alleen maar hopende verwachtingen. Er zijn mensen die in deze dagen voor Kerstmis ondanks de lockdown echt verwachtingsvol uitzien naar de boodschap van Kerstmis: Vrede op aarde. Er zijn mensen die helemaal in de ban zijn van het virus en somber vooruitzien. Er zijn mensen die uitzien naar een nieuwe start, een nieuw begin. Zal de komst van een vaccin de wereld echt veranderen of is het enkel een opstap naar herstel van wat we normaal noemen.
Lukt het ons om opnieuw te beginnen?

De vraag dient zich denk ik dit keer meer dan gewoon aan: Waar staan we eigenlijk met onze verwachtingen? Staan we aan de kant van de optimisten en idealisten, of horen we meer bij de doemdenkers of hopelozen. Wat een mens verwacht of hoopt, heeft alles te maken met zijn of haar inschatting van de mogelijkheid en met de bereidheid om het oude normaal niet bij voorbaat te gaan kopiëren, maar noodzakelijke nieuwe wegen in te slaan. Wat een mens verwacht of hoopt heeft alles te maken met zijn of haar inschatting van de mogelijkheden. Al naar gelang de mogelijkheden, de ontwikkelingen, de realiteit van de dag kunnen we niet anders dan onze verwachtingen voortdurend bijstellen. We verwachten immers niet gauw het onmogelijke of ons leven wordt een zware last op onze schouders.

We hoorden zojuist het verhaal van de aankondiging van de geboorte van Jezus. Het valt op dat met nadruk de naam van de moeder van Jezus wordt genoemd. De boodschapper van God, de engel, noemt haar bij haar naam. Er is in dit verhaal niet alleen sprake van een moeder, omdat elk kind nu eenmaal een moeder nodig heeft. Het gaat om deze moeder, Maria. Zij is het die wordt aangesproken en zij geeft antwoord, haar antwoord.

Daarom verdwijnt Maria niet in het niets nadat ze haar moederrol heeft vervuld. ‘Zie van nu af zullen alle geslachten mij zalig prijzen.’ Soms wordt het zo voorgesteld alsof de rol van Maria zuiver passief is, als zou ze alleen maar – instrument – of – kanaal – van Gods genade zijn. Maar als het antwoord van Maria er niet toe had gedaan, had de engel net zo goed meteen kunnen vertrekken, nadat hij zijn boodschap had overgebracht. Maar hij wacht tot Maria zegt: ‘Mij geschiede naar uw woord.’ Dan pas gaat de engel weg.

Ik denk dat nagenoeg niemand van Maria zou weten, als ze niet de moeder van Jezus was. Maar ze heeft een naam en die naam zegt dat ze uniek is en dat ze meer is dan iemand die een rol vervult en daarna het toneel kan verlaten. Elke naam is een roep om liefde die trouw is. ‘Voor wie ik liefheb wil ik heten’, zegt Neeltje Maria Min in haar gedicht. Ook als mensen haar naam zijn vergeten, blijft de ene die ze liefheeft en die altijd zal weten hoe ze heet. Daarom klinkt die naam van Maria in het evangelie van vandaag zo nadrukkelijk.

Die bijzondere vrouw geeft vandaag haar reactie als ze te horen krijgt dat ze een kind ter wereld zal brengen. ‘Hoe kan dat nou?‘ vraagt ze, ‘wees toch reëel, ik beken toch geen man.’ Het lijkt me een begrijpelijke en oer menselijke reactie. Het verrassende van het verhaal is echter, dat het toch gebeurt. Maria zal een kind ter wereld brengen, en wat voor een kind! Een kind, een mensenkind, dat de wereldgeschiedenis een andere wending zal geven. Een kind wiens geboorte ruim 2000 jaar na dato, nog steeds gevierd wordt. Bij Maria wordt duidelijk dat er dingen kunnen gebeuren. Die verder gaan dan onze verwachtingen; dat er ontwikkelingen mogelijk zijn, die wij voor onmogelijk houden.

De hele geschiedenis door verlopen verwachtingsverhalen hetzelfde en denken mensen dat ze het leven in handen hebben, dat de mens het zelf is die de loop der dingen helemaal kan bepalen. Deze, onze tijd, maakt nadrukkelijk duidelijk dat we niet alles naar onze hand kunnen zetten. Willen we in onze dagen tekenen van dat komende Rijk van God ontdekken, ook dan kunnen en zullen we die vinden op plaatsen waar we ze het minst verwachten. Het rijk van de komende breekt baan in de arme die zich niet langer laat afschepen met een fooi, maar het recht opeist om een eerlijke beloning voor zijn arbeid. In vrouwen die zich niet aan de kant laten zetten.
Het klinkt mooi, het klinkt zelfs te mooi; het klinkt zo mooi, dat het ons handelen kan sturen. Als we allemaal leven vanuit deze ons voorgehouden verwachting dan wordt het onmogelijke mogelijk.
Ja, dan zal het geschieden.
Amen.

Denis Hendrickx o. praem.
Abt van Berne

SLOTGEDACHTE

‘Verbeter de wereld, begin bij jezelf’, een gevleugelde uitspraak wanneer het gaat om goed doen en de wereld een ander gezicht geven.
Uitgerekend in deze dagen worden we allemaal – zonder uitzondering – uitgedaagd om de wereld te verbeteren door nadrukkelijk rekening te houden met elkaar en afstand te houden van elkaar.
Niet eenvoudig juist nu in deze tijd waarin we elkaar zo graag opzoeken en ontmoeten.
En toch … als Kerstmis staat voor nieuw leven en nieuw begin, laat er ons dan alles aan doen om iedereen opnieuw te kunnen laten beginnen.
Het is jammer dat we elkaar niet daadwerkelijk kunnen ontmoeten en met elkaar kunnen vieren. Willen we dat in de toekomst weer wel kunnen, dan moeten we nu de genomen maatregelen respecteren.
Laten we ons zo voorbereiden op het naderende kerstfeest en het zo vieren, in alle bescheidenheid maar met grootse verwachtingen naar de toekomst.