8 december 2019: 2e Zondag van de Advent

Jesaja 11,1-10 en Matteüs 3,1-12, A-Jaar

VERKONDIGING

Verwarrend zijn ze die lezingen van vandaag, aan de ene kant klinken de beloftevolle woorden van Jesaja en meteen daarop keiharde woorden van Johannes de Doper, die ons toeschreeuwt dat wij ons moeten bekeren.
Tegenstrijdig lijken de lezingen wel en bij tegenstrijdigheden zijn wij op onze hoede.

Immers, waar aan de ene kant liefde wordt verkondigd en even later harde woorden klinken, dan raken mensen in verwarring en valt er iets uit te leggen.
Inconsequent noemen we dat en we kunnen er niet goed tegen. Kijk maar naar papa’s en mama’s die dreigementen uitspreken om die vervolgens weer naast zich neer te leggen.
Het stelt kinderen voor vele vragen.

Misschien moeten we die harde woorden van Johannes de Doper ook maar zo lezen. Johannes maakt zich zorgen, de wereld lijkt ver afgedwaald van het visioen van vrede dat de profeet Jesaja in alle kracht naar voren bracht.
Johannes leefde met dat visioen en nam het hier en daar wel heel letterlijk!
Straks komt de Messias en hij draagt gerechtigheid als een gordel om zijn lenden en trouw als een gordel om zijn heupen, zegt Jesaja.

Het moeten schokkende woorden zijn geweest voor de mensen die zich daar verzamelden rond Johannes. Kom tot inkeer, maak recht de paden voor de Heer! Een profeet die leefde naar het woord, die leefde van het schrale voedsel dat de woestijn beschikbaar heeft, en een leren gordel om zijn heupen droeg.

En hij schreeuwt de mensen toe …
Zorg dat je bent als een boom die goede vrucht draagt, anders zul je worden omgehakt en in het vuur geworpen.
Bekeer je, zegt Johannes, keer je om!!! en leef naar dat wat God ons heeft aangezegd, opdat niemand meer kwaad doet, niemand meer onheil sticht.

Daar staan we dan, met de beloftevolle, troostende woorden van Jesaja in de ene hand en de dreigende taal van Johannes de Doper in de andere hand.
Klinkt hier niet veel meer de wanhoop door van de mens die ziet dat het fout gaat met onze wereld, dat mensen verloren gaan?
Klinkt door al die dreigementen niet de belofte door het vertrouwen door dat Gods nieuwe wereld onderweg is.

De profeten van toen, bijna allemaal, hebben gedreigd met de ondergang, niet om ons de schrik op het lijf te jagen, maar veel meer omdat zij de halfslachtigheid, de onverantwoordelijkheid die zij om zich heen zagen niet konden uitstaan.

En als een stip op de horizon staan daar die woorden van Jesaja, zonder twijfel een van de mooiste passages uit de wereldliteratuur … een Visioen van vrede, harmonie en gerechtigheid, in een wereld waarin alle levende wezens elkaar met respect behandelen.
Een wereld waarin Gods schepping wordt gekoesterd en behoed, mensen, dieren en natuur met liefde tegemoet wordt getreden omdat zij ons immers geschonken is.

Het perspectief van Jesaja is dat van iemand die weet waar God met ons naar toe wil en wat er kan gebeuren als God alle kansen krijgt in onze wereld.
Het vraagt om bekering. Het vraagt om omkering in ons eigen leven.

Jesaja kondigt de komst aan van een nakomeling van de vader van Koning David, Isaï, aan zijn stam zal een telg voortkomen, de Messias zelf.
En wij zullen klaar moeten zijn voor zijn komst in onze wereld, hij geeft ons immers handvaten om God in onze wereld een plaats te geven?

Om aan bekering te kunnen werken moeten we eerst besef¬fen waar we in feite aan toe zijn. Wij kunnen immers pas ‘met heel ons hart, heel onze ziel, al onze krachten en heel ons ver¬stand’ God en de naaste liefhebben, als we eerst onder ogen durven zien wat er werkelijk in ons omgaat.
Anders maken we ons illusies.

Onze schaduwkant maakt immers ook deel uit van ons leven, ons ongeduld, ons vastzitten in het eigen gelijk, onze zucht naar het nieuwste, het beste, het grootste, onze jaloezie, onze zucht naar bevestiging, onze boosheid soms.

Maar ach, al die lastige kantjes in onszelf zijn niet meer en niet minder dan de andere kant van de lichtende en levende mogelijkheden die wij in ons hebben.
Wij zijn toch ook in staat om zó lief te hebben dat het bijna pijn doet!
Zijn wij niet in staat om intens te genieten van kinderen met gespannen toetjes op Pakjesavond als de Sint er eindelijk is?
Met verwondering kunnen wij kijken genieten van de schoonheid van de natuur, van een uitlopende boom, van een zonsondergang, van een mooie vaas met bloemen, een kerstversiering?

Kennen wij niet allemaal dat bijzondere gevoel als wij durven delen van wat wij hebben met een ander die tekortkomt?
Bekering, inkeer en ommekeer, het ís geen onbegonnen werk, met Jesaja kunnen wij genieten van een visioen van vrede en een nieuw begin.
Bekeren, omkeren en verder gaan op onze levensweg, het kan werken als wij God in ons laten werken omdat wij voor God immers niets te verbergen hebben.
Dan krijgen die harde woorden van Johannes een andere dimensie, met alle krachten die in hem waren, probeert hij ons op te tillen tot een hoogte die wij niet zien.

Wij zijn heel goed in staat om God grote dingen met ons te laten doen als wij bereid zijn om zijn licht te laten stralen in onszelf.
Gods Licht trilt ons in de verte tegemoet: keer je om, laat al je moeilijkheden even achter je en ga het licht tegemoet, niet moe worden en niet opgeven.
Amen.

Thea van Blitterswijk, participant Norbertijnen