Bidden

Preek op de Gedachtenis van de H. Maagd Maria, Moeder van de Kerk

Maandag 10 juni 2019, jaar C
Door: prior Frank van Roermund o.praem.

Lezingen: Handelingen 1,12-14; Johannes 19,25-34

Aan het kruis, vlak voor zijn sterven, heeft Jezus zijn moeder toevertrouwd aan zijn leerlingen, en zijn leerlingen – dus ook ons – aan haar, aan Maria.

Augustinus – onze Regelvader – stelde reeds, dat bij de overweging van de mysteries van Christus en van het wezen van de Kerk Maria niet buiten beschouwing kan blijven, omdat zij zowél de Moeder is van Christus als van alle gedoopten – ofwel de gehele Kerk.

Door de gedachtenis van Maria als “Moeder van de Kerk” te koppelen aan Pinksteren wordt benadrukt dat niet alleen de heilige Geest, maar ook Maria een belangrijke rol speelt bij de geboorte van de kerk: zowel de Geest als het moederschap van Maria zijn geschenken van Jezus aan zijn Kerk, aan ons.

Ieder van ons houdt van zijn moeder.
Ieder van ons weet hoe onmisbaar de moederlijke liefde is.
Daarom mogen wij ons gelukkig weten, met de moederlijke liefde van Maria voor ieder van ons afzonderlijk, én voor ons als gemeenschap van gedoopten – de Kerk.