Bidden

Preek op het Hoogfeest van Hemelvaart van de Heer

Donderdag 30 mei 2019, jaar C
Door: abt Denis Hendrickx o.praem.

Lezingen: Handelingen 1,1-11; Hebreeën 9,24-28;10,19-23; Lucas 24,46-53

Het begrip ‘hemelvaart ‘is een bekend verschijnsel in zowel religieuze als niet- religieuze verhalen over belangrijke figuren in de geschiedenis, al ver voor de tijd van Jezus. Iemand die in het leven heel bijzonder was geweest, ging niet gewoon dood, maar vaarde aan het eind van zijn leven ten hemel. In de latere verhalen over zo’n koning of profeet of halfgod kreeg deze soms ook een ‘bovenmenselijke ‘ geboorte, om uit te drukken hoe bijzonder men hem of haar had gevonden.

Jezus’ hemelvaart… Veel schilders hebben daar afbeeldingen van gemaakt. Je ziet dan een soort ballonvaart zonder ballon. Iedereen weet: zo kan het niet zijn gegaan. Maar hoe dan wel. Hemelvaartverhalen behoren tot een bepaald literair genre dat in een ver verleden alom bekend was, maar in onze tijd helemaal in onbruik is geraakt. Hemelvaartverhalen zijn geen reportages, geen beschrijvingen van iets dat zus of zo gebeurd is, maar verhalen met een boodschap. Geen boodschap over de wijze waarop iemand de aarde heeft verlaten, maar een boodschap over de wijze waarop iemand op aarde geleefd heeft. Een hemelvaart wordt alleen maar verteld over mensen met een zo hoogstaande levenswandel dat de nabestaanden vinden dat aan al dat goeds niet zomaar een einde mocht komen door een banale dood die het lot is van elke gewone sterveling.

En dit – lijkt me – zet ons op het spoor van wat Lucas bedoelde met zijn hemelvaartverhaal. Het is een aanschouwelijke voorstelling om zijn lezers duidelijk te maken hoe intiem de band was tussen de aardse Jezus en zijn Vader. Die was zo intiem dat God hem, na zijn aardse leven, helemaal in zijn heerlijkheid heeft opgenomen. Niet met zijn verhaal, maar wel met de diepere boodschap ervan zit Lucas op dezelfde lijn als zijn collega’s evangelisten, op de lijn van Paulus en van de andere schrijvers uit het Nieuwe Testament. Zij schrijven immers niets over hemelvaart maar wel over ‘Jezus is opgenomen in de heerlijkheid van God ‘.

De boodschap van Hemelvaart is een variatie op het paasthema. Want wat is de verrijzenis anders dat dat God zijn hand uitsteekt en het leven van Jezus, over de dood heen, naar zich toehaalt. In zijn evangelie geeft Lucas aan die link tussen Hemelvaart en Pasen een extra klemtoon door die twee gebeurtenissen op dezelfde dag te situeren. In zijn latere versie, in de Handelingen van de Apostelen, valt die extra klemtoon op die eenheid van Pasen en Hemelvaart weg zonder dat hij iets verandert aan die boodschap zelf, en plaatst hij zijn verhaal vervolgens in de traditie van het in de bijbel heilige getal 40: 40 jaar Israël in de woestijn, 40 vastendagen van de profeet Elia, 40 vastendagen van Jezus, 40 dagen tussen Pasen en Hemelvaart. Lucas heeft zijn tweede Hemelvaartversie nog op een ander punt bijgewerkt. In tegenstelling tot zijn evangelie-versie voert hij in de handelingen twee mannen in het wit ten tonele, die tot de leerlingen zeggen: ‘Jezus komt nog wel terug; sta daar zo niet werkloos naar de hemel te staren’.

Met andere woorden: Leerlingen, ga nu maar zelf aan de slag! Jezus weg, betekent dus dat zijn leerlingen hun verantwoordelijkheid moeten opnemen. Geen passief luisteren meer naar wat verkondigd wordt, maar de handen uit de mouwen steken; zelf de verkondiging ter harte durven te nemen; iedereen – elk met zijn eigen mogelijkheden en beperktheden – wordt gezonden om mee te werken aan de opbouw en uitbouw van de geloofsgemeenschap. Want vlak voor hij omhoog werd geheven zei Jezus: ‘Gij zult de kracht ontvangen van de Heilige Geest die over U komt om mijn getuigen te zijn.’ Totdat Hij wederkomt is het de verantwoordelijkheid van ons allemaal om samen kerk te zijn. De tijd van werkloos staren naar de hemel is voorbij.