03-07-2020, Abdij van Berne Heeswijk

“Mijn passie is om gebouwen met een ziel een nieuwe functie te geven”

Joost de Bruijn is sinds begin dit jaar als procesbegeleider betrokken bij de herontwikkeling van de oude boekbinderij en het Abdijhuis. Hij transformeert oude gebouwen door ze een nieuwe bestemming te geven, zodat ze doorgegeven kunnen worden aan de volgende generatie. In het gesprek wat ik met hem had vertelt hij gepassioneerd over zijn werk.

Door: Ina Veldman

Kun je kort iets over jezelf vertellen?
Mijn naam is Joost de Bruijn, ik ben getrouwd en we wonen in ’s-Hertogenbosch. Wij hebben twee kinderen, twee zonen. Als kind ben ik opgegroeid in een architectengezin, waar mijn enthousiasme voor gebouwen ongetwijfeld ontstaan is. In de afgelopen twintig jaar heb ik voornamelijk oude gebouwen (veelal monumenten) getransformeerd, waarbij de meeste van deze gebouwen een nieuwe functie kregen. De naam van mijn bureau Boost Herontwikkeling zegt misschien voldoende, ik geef een boost aan de herontwikkeling van oude gebouwen, van conceptfase tot en met ontwerpbegeleiding en af en toe ook de bouwbegeleiding.”

Wat heb je met Berne?
“Berne is in eerste instantie een plek waarover ik mooie en prettige verhalen heb gehoord van mijn vrouw, die vroeger zeer regelmatig in de abdij kwam. Inmiddels kom ik er zelf vaak, waar ik bij het betreden van de oprijlaan de serene rust ervaar en de dagelijkse hectiek even achter mij kan laten. De geschiedenis van deze plek, het gebouw en de ruimdenkende gemeenschap geven mij het enthousiasme voor Berne.”

Waar ben je mee bezig en wat zijn de plannen voor de komende periode?
“De oude boekbinderij die achter op het terrein staat gaan we transformeren om daar de bodemvondsten, waar de provincie verantwoordelijk voor is, op te slaan. Dit brengt me op de gedachte dat het misschien een aardig idee is om in een volgend interview wat dieper in te gaan op wat zo’n depot is en wat er allemaal komt kijken bij de opslag van bodemvondsten. 

Daarnaast gaan we het Abdijhuis verbouwen, want hoe mooi zou het zijn om dat een nieuwe functie en nieuwe levendigheid te geven door er sociale organisaties en ondernemers (die al dan niet raakvlakken hebben met geloof en religie) te huisvesten. Zo kunnen we middels het investeren huurinkomsten genereren voor het klooster.”

Waar verheug je je het meest op?
“Mijn passie is om gebouwen met een ziel een nieuwe functie te geven. Ik vind het mooie van mijn vak dat je voor elkaar krijgt om aan een gebouw waar een functie weggevallen is een nieuwe bestemming te geven. De oude boekbinderij achter op het terrein staat te verloederen, omdat er geen geld voor is. Op het moment dat je het een nieuwe functie geeft, zorg je voor inkomsten, zodat je het gebouw kunt onderhouden. Dat geldt ook voor het Abdijhuis. Als we nu niets doen, dan treedt het verval over een paar jaar heel hard op, dus moet je nú nadenken over een nieuwe functie. Daardoor genereert het inkomsten, maar het zorgt ook voor levendigheid, waardoor die gebouwen behouden blijven en doorgegeven kunnen worden aan de volgende generatie. Daar word ik enthousiast van. Dat zijn soms grote en ingewikkelde processen, maar ik heb altijd dat hoger doel voor ogen dat het moet lukken.”

Waar zit voor jou de uitdaging in dit project?
“Ik heb normaal altijd te maken met leegstaande panden waarbij de voormalige functie volledig weg is. Het bijzondere van de abdij is dat zeker een derde van het gebouw nog de oude functie heeft. De uitdaging zit er in dat ik veel meer aansluiting moet zoeken bij die oude functie: wat is die functie, wat doen ze bijvoorbeeld de hele dag in de abdij? Ik moet mij verdiepen in het geloof om te begrijpen en te voelen wat er specifiek aansluit bij de leefwijze van de broeders. Dat proces moeten we de tijd geven, anders zouden we daar achteraf wel eens spijt van kunnen krijgen en dat kunnen we nooit meer terugdraaien. Er is nog een belangrijke stap nodig voordat de architect aan de gang kan, namelijk het inventariseren van de ruimtes: wat willen we als wens naar de toekomst? Als we gevoelsmatig en concreet vastgesteld hebben welke type huurders we er graag in willen hebben, welke behoeftes zij hebben, welke uitstraling en sfeer we zelf willen creëren, dan kunnen we een architect gaan vragen om het allemaal vorm te gaan geven.”

Wanneer begint het ‘echte werk’, het slopen en/of verbouwen? 
“Veel mensen vergelijken dit soort processen met de verbouwing van hun badkamer, maar zoals al aangegeven is dit een omvangrijker traject.

Wat de oude boekbinderij betreft is het ontwerp gereed en gaan we vóór de zomervakantie (2020) de bouwaanvraag en de aanbesteding indienen.
Na de zomer van dit jaar zouden we dan met de verbouwing kunnen beginnen en we hopen dan in het eerste kwartaal van 2021 klaar te zijn.

Bij het Abdijhuis zijn de wensen en behoefte steeds concreter. Na de zomervakantie (2020) starten we met de ontwerpfase en hopen deze vóór de Kerst af te ronden. We kunnen met de verbouwing van het Abdijhuis op z’n vroegst in de tweede helft van 2021 starten. We zetten alles op alles om dat te halen, maar dit is, naast de besluitvorming in dit jaar, van vele andere factoren afhankelijk. En ja, de coronacrisis heeft uiteraard ook veel invloed gehad op het proces.”

Ina Veldman is ondersteuner projectruimte.