Preek op het Hoogfeest van de Geboorte van de Heer

Woensdag 25 december 2019
Door: abt Denis Hendrickx o.praem.
Lezingen: Jesaja 52,7-10; Hebreeën 1,1-6; Johannes 1,1-18

Er zijn in de dagen van Kerstmis kerstboodschappen te over. Op twitter zal de Paus ongetwijfeld weer van zich laten horen. Hij heeft weer verrassende uitspraken gedaan tijdens de kerstviering met zijn medewerkers in Rome enkele dagen geleden. Op facebook, op allerlei websites en natuurlijk ook op radio en TV zullen velen een kerstboodschap de wereld n sturen. Iedereen verkondigt op eigen wijze de geboorte van het licht, van het Kind van vrede, van het woord dat vlees is geworden.

Jezus, zo zegt Johannes, is het eerste woord, het scheppende woord, dat er alles toe doet, één en al communicatie. Hij zegt niet alleen woorden. Hij is het woord, het vleesgeworden woord. Niet alleen door zijn mond, maar door heel zijn persoon spreekt God tot de mensen. Waar Jezus spreekt gebeurt iets. Doven horen en stommen spreken. Boze geesten verdrijft hij en tollenaars en zondaars trekt Hij tot zich. Hij is voor alle god-zoekers ‘de gids en de weg’, zegt Johannes.

Gids en weg is Jezus steeds opnieuw, ook nu. Gids en weg is Hij voor de vrouw die haar demente man blijft bezoeken, avond na avond, dag na dag. Gids en weg is Hij voor de norbertijn die niet vroeg genoeg uit de veren kan komen om zich te keren naar het licht. Gids en weg is Hij voor de vrijwilligster, die zorgt dat verslaafden elke avond koffie en een boterham krijgen.

Nu we hier samen het kerstfeest vieren, zegt Johannes de evangelist tegen ieder van ons dat Jezus voor ons de gids en de weg is naar God.

Afgelopen nacht en op deze dag klinkt het verhaal waarmee het begon., het verhaal van de geboorte van Jezus. Het verhaal over herders en wijzen en een kindje in een voederbak. Het vertelt over een kind, geboren onder erbarmelijke omstandigheden: en over het geluk van de mensen die het meemaken. Er is iets bijzonders aan die boorling, want er wordt van hem gezegd dat hij Heer en koning is. Het kersttafereel van de kribbe in Bethlehem is een geromantiseerd beeld van de geboorte van Christus. Ik kan het zo uitdrukken omdat velen het geboorteverhaal van Matteüs en vooral dat van Lucas kennen, met de beelden die ze oproepen. Maar vandaag hoorden we het geboorteverhaal in de versie van Johannes. Bij hem is de romantiek van de geboorte in een stal niet te vinden. Bij hem komt Jezus van veel verder. Hij acht Jezus van hemelse oorsprong. Voor Johannes was het kind al vóór zijn geboorte bij God. We zingen het ook uit in een van onze liederen: ‘Gij komt van al zo hoge, van al zo veer , van al zo ver’…

De taal waarin Johannes schreef , stond in de traditie van het Griekse en joodse denken. Wij, westerse mensen van de 21e eeuw, leven in een andere tijd, een tijd waarin communicatie centraal staat. We zetten boodschappen op facebook, we sms’en of whats’appen met onze kinderen of kleinkinderen. We willen via Skype of face-time praten met familie, vrienden of medebroeders in het buitenland. En daarmee mogen we van geluk spreken. Het contact met familie en vrienden is tegenwoordig frequenter dan ooit.

Op een dag als eerste kerstdag, met alle bijbehorende ontmoetingen en plichtplegingen, speelt een goede communicatie een grote rol. Het kerstfeest roept bij ons immers mooie verwachtingen op van vrede en welbehagen. Hoge verwachtingen ! Gods maakt zich in zijn spreken bekend. En ook wij maken ons in ons spreken bekend. Wie liefheeft spréékt , wie kwaad is , gunt de ander geen woord. In het gesprek geven wij, mensen, ons hart aan elkaar prijs. Soms gebeurt dat in vloeiende taal, vaker in horten en stoten, stamelend, niet wetend wat te zeggen.

Als we de uitnodiging van Kerstmis in ons spreken kunnen laten klinken, dan kunnen we als gelovige mensen het Johannesevangelie op eigentijdse wijze recht doen. Dan blijft het kerstkind geboren worden. Waar God zo klein als mensen wordt, kunnen mensen zo groot als God worden en Hem in elkaar herkennen.

Het verhaal van de afgelopen nacht en van deze dag vertelt ons – zoals we gehoord hebben in het Johannesevangelie, dat de duisternis het licht niet heeft overmeesterd. Die weg is en wordt ons gewezen, die weg is nog steeds niet afgeschaft of verdwenen. Geef dat licht de kans. Om dat niet te vergeten en dat besef in ons midden levend te houden, vieren we hier met elkaar kerstmis. De god over wie de bijbel vertelt, is niet de God van de status Quo, van de gevestigde orde, zo in de trant van: alles ligt onveranderlijk vast, krachtens een koud en onverbiddelijk noodlot. Nee, wat bij Mozes en bij alle profeten in Israël en dus ook bij Jezus telkens weer doorklinkt, is het besef: het hoeft niet te blijven zoals het is, het kan ook anders zowel op maatschappelijk en politiek terrein als in ons persoonlijk leven. Het kan anders, het moet anders, zo roept Paus Franciscus op: ‘steeds weer verbeteren en groeien in eensgezindheid, gezondheid en wijsheid om de missie van het licht van kerstmis te kunnen uitvoeren’.

Het licht van kerstmis wijst naar een toekomst van waardig samenleven, in gerechtigheid, medemenselijkheid en waarheid. Onder ons zijn mensen die dat uitstralen. Hardnekkig volharden zij in naastenliefde. In de pijn van een geschonden wereld voelen wij de kracht van hun voorbeeld, Hun inzet voor recht en vrede vertolkt de boodschap van Kerstmis. In dat feest van licht en leven komt God ons mensen nabij.

Mag onze wens in vervulling gaan, mag het er van komen dank zij die redder uit Bethlehem, dat kind van Kerstmis. Zalig kerstfeest.