16-12-2018, Abdij van Berne Heeswijk

Elkaar de maat nemen

Oordeelt niet… Wat zou de reden zijn dat Jezus Christus in zijn evangelie ons aanspoort niet te oordelen? (Mt.7,2). Dat moet toch een goede reden hebben. Ik vermoed omdat oordelen een zwaardere operatie is dan we denken. Het Latijnse woord helpt ons op weg. In het Latijn is oordelen judicare, jus dicere, recht spreken. Oordelen heeft dus iets defi nitiefs. Een zaak wordt afgesloten. Oordelen staat gelijk met een vonnis vellen, met een rechterlijke uitspraak dus. Een oordeel vellen we. Vellen is het causatief van vallen; dat betekent dus ‘doen vallen’. Zoals we bomen vellen, zo vellen we de mensen waarover we oordelen.

Door: Theo van de Vossenberg

Dit oordelen hoeven we niet te leren. Dat kunnen we zodra we tot de jaren van het verstand gekomen zijn en aan het denken zijn geslagen. Direct als we iets waarnemen, bijna zonder overleg, hebben we vaak ons oordeel klaar. We hoeven er geen moeite voor te doen. We moeten ons eerder weerhouden om níet te oordelen. We oordelen meteen, dat wil zeggen: we bepalen onmiddellijk onze houding in een bepaalde situatie. We leggen onze houding vast. Ofschoon we niet altijd voldoende weet hebben van de zaak of van de persoon die we beoordelen en van de omstandigheden die tot de zaak hebben geleid. Vaak zijn we daarom met onze oordelen te snel, te voorbarig. Ze missen voldoende grond.

Veroordelen
Onze oordelen hebben daarom vaak de inhoud van véroordelen. Er klinkt een negatieve toon in door. We keuren een situatie of een gebeuren af. We zien het liever anders. Het weer is niet goed: te warm, te droog of te nat. Het verkeer is niet goed: fietsers of automobilisten geven niet aan welke richting ze zullen nemen. “Er gaat zoveel verkeerd in het leven. Het is allemaal te veel of te weinig.” Ons denken is vaak negatief.

Ook ons oordeel over mensen is vaak een véroordelen. Op alles kan deze veroordeling betrekking hebben: op de manier van spreken, op het taalgebruik, op de kleding, op de houding en opstelling. Alles van de ander kan kritisch worden bekeken en worden afgekeurd. Dat kan terecht zijn, maar ook ten onrechte. De werkelijkheid wordt dan ernstig beschadigd.

De ander
Waar wij in onze beoordeling meer rekening mee moeten houden is, dat de ander nu eenmaal een ander is, die ánders is en denkt en handelt. “Ik zou het zo niet doen.” Dat is eigenlijk het enige wat we vaak met recht en reden over het gedrag van de ander kunnen zeggen. Het kan namelijk meestal ook anders. Even goed of nog beter. Maar ook slechter. Daarom terecht “vanwege al deze moeilijkheden oordeelt niet”.

Daar komt nog bij, dat de situatie vaak ingewikkelder is dan we in eerste instantie denken. We kennen de situatie van de ander vaak niet en zeker niet helemaal. We kennen ons zelf niet eens tot in onze diepste lagen, laat staan onze naaste! Wij moeten bij het beoordelen van de ander ruimte openlaten, veel ruimte. Daarom raadt Jezus Christus ons aan om niet te oordelen of om op zijn minst ons oordeel op te schorten en voorzichtig uit te stellen, om ruimte te scheppen om juist en rechtvaardig te kunnen oordelen. Dat moeten wij leren.

Spreker en luisteraar
Een voorbeeld dat ‘het waarom van deze terughoudendheid’ verduidelijken kan, is de vraag, die wij ons te weinig stellen: “Geven wij, als spreker en luisteraar, dezelfde inhoud aan dezelfde woorden die we gebruiken? Of geven we er toch een enigszins andere inhoud aan?” Vooral woorden die een ingewikkelde situatie oproepen zoals democratie, vrijheid, vrede, vertrouwen, huwelijk en kloosterling, geven we moeilijk eenzelfde inhoud. Ieder heeft dan een bepaald beeld voor ogen. De ander goed verstaan valt daarom niet mee. We verstaan die ander nooit helemaal perfect. Daarom is het voor een goed gesprek noodzakelijk dat spreker en luisteraar dezelfde inhoud geven aan dezelfde woorden die ze gebruiken. Daarom is het bij ingewikkelde zaken verstandig eerst vast te stellen wat men onder een bepaald woord verstaat.

Oordeelt niet
Jezus deelt om die reden de waarschuwing uit: “Oordeelt niet, opdat ge zelf niet geoordeeld wordt.” Hij voegt eraan toe: “Want met het oordeel dat gij velt, zult gij zelf geoordeeld worden” (Mt,7,1-2). Dan zal er dus met hetzelfde oordeel over jou geoordeeld worden. Dit lijkt een dreigement. “De maat die u gebruikt, zal men ook voor u gebruiken. Vergeef, dan zal je vergeven worden. Geef dan zal je gegeven worden” (Mt.7.2). Een gelijke behandeling dus. Zo gij doet, zo zult ge gedaan worden!

Toch denk ik dat God zo niet is en ook niet zo doet. Hij zal je nooit met gelijke munt betalen. Hij denkt en doet ruimer. Hij geeft en vergeeft altijd meer dan wij ook maar kunnen vermoeden en hopen. Daarom staat er: “Zelfs een toemaat zal men u geven. Een goede, gedrukte, geschudde, overlopende maat.” God vergeeft meer dan zeven maal zeventig keer. Hij spoort ons aan dat ook te doen. Wij kunnen God nooit overtreffen. Hij overtreft ons altijd. Overal. In alles.

De Heilige Geest
En het meest overtreft hij ons in zijn gave van de Heilige Geest. De apostel Johannes zegt ons duidelijk in zijn Evangelie (3,34): “Mateloos schenkt God zijn Geest.” Jezus Christus heeft beloofd dat Hij ons de Heilige Geest vanuit de Vader in de hemel zou zenden. Hij heeft woord gehouden. Dat deed Hij op de eerste Pinksterdag. Vanaf die dag schenkt Hij ons overvloedig de Heilige Geest. Pinksteren houdt nooit meer op! De Heilige Geest wordt ons voortdurend geschonken. In overvloed. Want de Heilige Geest is niet te breken en te delen. De Geest is geheel in ons leven aanwezig en werkt in ons met al zijn gaven. Hij leert ons op alle fronten van het leven in de goede, christelijke geest te leven.

Het is verstandig meer met die Heilige Geest rekening te houden! Maar ook dat is een gave van de Geest!

Theo van de Vossenberg is norbertijn van de Abdij van Berne
__
Bent u door het lezen van dit artikel, dat eerder werd geplaatst in BERNE (december 2018), geïnteresseerd geraakt in BERNE, vraag dan een abonnement aan bij: secretariaat@abdijvanberne.nl. Of bij het secretariaat van de Abdij van Berne, Abdijstraat 49, 5473 AD in Heeswijk. Losse exemplaren vindt u ook in Berne Boekhandel in de Abdij/Priorij de Schans/ Priorij de Essenburgh/Sint Catharinadal en in de verschillende parochies van de Norbertijnen.