Zondag 7 juni 2026

Door: Joost Jansen o.praem.

Het kan voorkomen dat ze je vragen: ben je gelovig? Meestal zeggen we dan: ‘Ja, ik ben katholiek.’ Het is wel niet helemaal het exacte antwoord op de vraag maar iedereen begrijpt wat je bedoelt. Als je als katholiek naar de kerk gaat, dan wil je graag de communie ontvangen, de hostie. Het blijkt tot het DNA van de katholiek te behoren. Nu kan de pastoor je wel zeggen dat je God ook kunt ontmoeten als je uit de Bijbel leest in een Woord- en gebedsdienst, of bij het bidden van de Rozenkrans, voor je gevoel is dit toch anders. Wij katholieken zijn een eucharistisch volkje.

Vandaag vieren we Sacramentsdag, het sacrament van de eucharistie. In de lezingen gaat het er over: over het manna in de woestijn én dat de mens niet leeft van brood alleen, over dat wij door de eucharistie verbonden blijven met elkaar en met Jezus, één Lichaam… dat Jezus zichzelf geeft in het heilig Brood. Verschillende invalshoeken voor iets heel kwetsbaars: een klein stukje brood dat zoveel potentie in zich draagt.

Je kunt eraan voorbijgaan. Het is goed om (af en toe…) naar de kerk te gaan, de communie hoort erbij en dan gaan we over naar de orde van de dag. Waarin belanden wij dan? In een samenleving waar het ‘samen’ vaak ver te zoeken is, communiceren onderdruk staat, mensen van elkaar verwijderd zijn door het beeldscherm van de smartphone en we in een klimaatcrisis zitten die alleen maar groeiende is. Mensen raken vervreemd van elkaar en dan meen ik dat ze ook vervreemd raken van God, want God heeft een groot verlangen: dat we verbonden-zijn met elkaar en dan ook openstaan voor anderen om hen gastvrijheid te geven.

In een tijd waarin mensen uiteen worden gespeeld, mensen misschien net iets meer zijn dan hun Burgerservicenummer en overgeleverd aan algoritmes die bepalen wat we aan nieuws binnenkrijgen, is het een verademing dat we plaatsen en momenten hebben zoals nu hier in de abdijkerk. Met deze eucharistie vieren we dat we gevoed worden door het leven dat Jezus ons geeft. Hij is eraan begonnen bij het Laatste Avondmaal en na zijn dood en verrijzenis hebben zijn leerlingen dit doorgezet. Tot op de dag van vandaag. Wij noemen dat het Sacrament en daarmee zeggen we dat in het Verhaal van God dat ons verteld wordt en in de gaven van het heilig Brood en de Beker van Verbond wij aangesloten blijven op die goddelijke energie. Straks ontvangen we de hostie. Het is weinig, tegelijkertijd is het een kwetsbare gave. Om te laten blijken dat je van iemand houdt, is vaak ook maar een klein gebaar, een klein geschenk nodig, een bosje bloemen, een knuffel. God houdt van ons en daarom stelt Hij dit liefdesgebaar van Brood en Beker. God wil ons bij elkaar houden opdat wij samen uitstralen dat mensen gebaat zijn bij verbondenheid. Onze maatschappij heeft dit vandaag bijzonder hard nodig opdat het een samen-leven blijft.

Van Augustinus krijgen we de diepzinnige uitspraak: Ontvangt wat je bent, het Lichaam van Christus, en wordt ook wat je ontvangt, het Lichaam van Christus. Hij wil hiermee zeggen: als je de communie ontvangt, de communie met Jezus in dat kleine stukje brood, zorg er dan ook voor dat je samenblijft om die gemeenschap van Jezus, de kerk, te vormen. En dat Lichaam van Christus kun je – als je je ogen en oren openhoudt – overal tegenkomen in mensen. Want die Jezus heeft zelf gezegd: je kunt Mij vinden onder mensen die honger hebben en dorst, die niet voldoende kleren hebben, die ziek zijn of in zichzelf opgesloten doordat ze verslaafd zijn en achter verkeerde zaken aanhollen. Het is allemaal niet zo heilig als het voorgesteld wordt, ons geloof in Gods aanwezigheid ligt heel dicht bij je. Maar ook hier geldt de uitspraak van Johan Cruijff: ‘Je gaat het pas zien als je het door hebt.’

Het is duidelijk dat we op dit feest van Sacramentsdag naar buiten worden gedreven. Vroeger – en op veel plaatsen gebeurt het nog steeds – trok men in processie met het heilige Sacrament door de straten en de velden. Een aangrijpend beeld om overal God aanwezig te laten zijn. Als wij straks de communie hebben ontvangen, nemen we die aanwezigheid met ons mee. Zouden mensen dat aan ons kunnen merken dat we dat Lichaam van Christus ontvangen hebben? Dat we samen dat Lichaam, die verbondenheid, zijn?

Blijf op de hoogte met onze nieuwsbrief