In de Bijbel wordt er heel wat gewandeld. De mensen in de Bijbelverhalen waren op weg van de ene plaats naar de andere en dat ging meestal te voet. Tegenwoordig pakken we de fiets of de auto. We willen geen tijd verliezen en snel aankomen. Toch wordt er in onze tijd ook nog veel gewandeld. Voor het plezier en voor de gezondheid. Al wandelend geniet je van de omgeving. De natuur laat zich van dichtbij bewonderen. Met een beetje geluk zie je een zeldzame vogel in een boom zitten.
Door: Frank Kazenbroot
Bijbelse achtergronden
Wandelen’ wordt in de Bijbel op meerdere manieren aangeduid. Het gaat over ‘op weg zijn’ of ‘de weg vinden’ of ‘niet verloren lopen’. In het boek Genesis lezen we dat Henoch (Gen. 5:24) en Noach (Gen. 6:9) wandelden in nauwe verbondenheid met God. En ook Abram werd uitgenodigd om voor Gods aangezicht te wandelen. (Gen. 17: 1-3) In psalm 116 staat: “Ik mag wandelen in het land van de levenden onder het oog van God.” (vers 9)
In mijn verbeelding zie ik Jezus altijd wandelen, samen met zijn leerlingen. Op weg naar Jeruzalem vertelde Hij hun verhalen en hielp Hij de lijdende mensen die op zijn pad kwamen. Een enkele keer verbleef Hij in een vissersboot en, eerlijk is eerlijk, toen hij Jeruzalem binnenging zat Hij op een ezel. Maar verder ging Hij wandelend door het leven. In het evangelie van Johannes komt Hij tot de kern van zijn boodschap. Hij zegt: “Ik ben het licht voor de wereld. Wie mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft.” (8;12)
Mijn wandeltochten
Zelf heb ik als kind al veel met mijn ouders gewandeld. Iedere zondagmiddag wandelde het hele gezin naar het huis van opa en oma, aan de andere kant van de stad. En tijdens de zomervakanties nam mijn vader me mee op wandeltochten door de duinen en langs het strand. Op het einde van de middelbare school wandelde ik met honderden andere jongeren tijdens de Pax Christi voettocht in de omgeving van ’s-Hertogenbosch. Onderweg bespraken we onze persoonlijke problemen, maar ook de maatschappelijke kwesties van die tijd (jaren zeventig van de vorige eeuw) kwamen aan de orde. Eindpunt was de Sint-Janskathedraal waar de bisschop ons hartelijk ontving.
Dat waren nog eens tijden…
Later, toen ik gastenbroeder in de abdij was, maakte ik met gasten ook wel wandelingen in de buurt van de abdij. Het ging steeds om de combinatie van ‘genieten van het buiten zijn’ en ‘het ontmoeten van elkaar tijdens een goed gesprek.’ Toen ik boeken van de boeddhistische leraar Thich Nhat Hanh ging lezen ontdekte ik dat het heel vruchtbaar kan zijn om in stilte te wandelen, heel aandachtig stappen te zetten en bewust adem te halen. Dan wordt wandelen in de natuur een mogelijkheid om innerlijk te pelgrimeren.
Pelgrims die op weg gaan
Al eeuwenlang zijn er pelgrims die op weg gaan en al wandelend Rome of Santiago de Compostela bereiken. Uiteindelijk gaat het niet zozeer om het bereiken van het doel, maar om het gaan van de weg. Onderweg maken pelgrims van alles mee. Ontberingen, maar ook ontmoetingen met gastvrije mensen. Pelgrims bezoeken eeuwenoude kerken en kloosters en lopen door de ongerepte natuur. Zij komen anders thuis dan toen ze vertrokken. Er is innerlijk iets veranderd. Zij hebben zorgen en angsten losgelaten en zijn meer op het hier en nu gaan vertrouwen.
Zo’n dertig jaar geleden ontving ik als gastenbroeder een man die zich ‘pelgrim Henricus’ noemde. Tijdens zijn pelgrimage was hij op het idee gekomen om wandelingen vanuit kloosters aan te gaan bieden. Niet iedereen is in de gelegenheid om naar Santiago te lopen, maar een paar dagen te gast zijn in een klooster is voor de meeste mensen wel te doen. Henricus wilde ook de spirituele dimensie een plek geven, zodat deelnemers zich echt kunnen verdiepen in het pelgrim zijn. Hoewel Henricus nog veel vragen had over zijn plan, het was een soort visioen, merkte ik dat hij vastbesloten was.
Tot mijn genoegen ontdekte ik een tijd later dat hij inderdaad een paar wandelprogramma’s aanbood. Hij noemde het initiatief ‘De Wandelmaat’. Nu zijn we ruim dertig jaar verder en De Wandelmaat bestaat nog steeds. Pelgrim Henricus is zelf in 2015 gestopt, maar dankzij een groep vrijwilligers (gidsen en bestuursleden) bestaat De Wandelmaat dus nog. Tegenwoordig worden er jaarlijks tientallen wandeltochten aangeboden. De Abdij van Berne staat ook in het programma. Omdat ik zelf van wandelen en van kloosters houd, heb ik de afgelopen jaren een paar keer meegewandeld.
Met De Wandelmaat mee
Mijn eerste ervaring met De Wandelmaat was in het klooster van de karmelietessen in Sittard. Hoewel ik in mijn leven al veel kloosters had bezocht, was ik hier nog nooit geweest. Ik was met tien andere wandelaars en een gids. Op een of andere manier ben je al gauw vertrouwd met elkaar. Al wandelend leerden we elkaar een beetje kennen en de kloosterlijke sfeer bracht ons ook op geestelijke wijze dichter bij elkaar. We maakten prachtige wandelingen in de omgeving van het klooster en kwamen zelfs in Duitsland. De gids die ons begeleidde las af en toe een mooi gedicht voor.
Op een dag kregen we een rondleiding door Sittard. Ik wist niet dat het zo’n mooie stad was. ‘s Avonds hadden we een gesprek met een van de karmelietessen en zo leerden we veel over de geschiedenis en de spiritualiteit van het klooster. Aan het einde van de dagen gaven we elkaar een kaarslicht door en spraken woorden om elkaar het beste te wensen. Daarna ging ieder naar huis om de eigen levensweg te vervolgen, een mooie ervaring rijker.
In de jaren erna heb ik meegedaan aan wandeltochten bij de broeders van Huijbergen en bij de trappisten te Pey-Echt. Iedere keer was het een speciale ervaring. Het ging steeds om een paar dagen pelgrimeren vanuit een inspirerende plek. Ik heb heel aardige en boeiende mensen ontmoet. Dankzij hen zou je me een pelgrim van hoop kunnen noemen.
Pelgrims van Hoop
Over pelgrim van hoop gesproken: afgelopen jaar ben ik met 1150 andere Nederlandse pelgrims naar Rome gereisd, niet wandelend hoor, maar met de bus. Het was in het kader van het heilig jaar 2025. De week was precies tussen het afscheid van de net overleden paus Franciscus en de komst van de nieuwe paus Leo. We liepen van kerk naar kerk door de stad, met als hoogtepunt een bezoek aan de Sint-Pieter.
Ik heb in mijn leven heel wat gewandeld en gelukkig vaak samen met anderen. Met de woorden van de Bijbel in mijn hart kan ik zeggen dat God met mij meegewandeld heeft, ook op momenten dat het koud en donker was. Er bleef een lichtje schijnen dat mij de weg wees als ik aan het dwalen was. Ik wandelde in het licht dat leven geeft.
Frank Kazenbroot, gepensioneerd geestelijk verzorger, was van 1991 tot 2008 norbertijn in de Abdij van Berne. Foto’s: De Wandelmaat en Unsplash
Bent u door het lezen van dit artikel, dat eerder werd geplaatst in het kwartaalblad Berne (zomer 2026), geïnteresseerd geraakt in Berne, vraag dan een abonnement aan bij: secretariaat@abdijvanberne.nl.